maandag 18 november 2019

Verder zuidwaarts

We zijn weer op een vertrouwd plekje: Deltaville in de Jackson Creek.

Bluenose staat inmiddels op de kant om voorzien te worden van een nieuwe laag anti-fouling en de romp moet weer gaan glimmen.
Zelf kan ik alleen nog maar 2 dagen helpen om de romp te poetsen, ik ga voor een korte periode naar NL voor mijn moeder ‘Annie’ haar 85ste verjaardag.

Voordat Henk mij wegbrengt naar Dulles Airport met een flitsende bolide staat de Bluenose weer te glimmen in het zonnetje.




Helaas staat Henk er verder alleen voor om het onderwaterschip te schuren en van een nieuwe anti-fouling laag te voorzien en er komt nog een héle grote klus bij voor hem.
Hebben besloten om de kuipvloer en de kuipbanken te voorzien van nieuw massief teak. Het zagen van het teak laten we doen, maar het maken van deze mallen, het uithakken van oude teak, het nieuwe er weer inleggen, alle randen afkitten gaat Henk zelf doen.
Het is een bere klus, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat is hij ermee bezig, blaren op zijn handen.




Terwijl Henk druk aan het werk is, geniet ik er van om weer even thuis te zijn. Mama en ik rijden van hot naar her om onder andere de opgegeven boot-boodschappen in te slaan maar het meest belangrijke is mijn moeders 85ste verjaardag. Tot haar verrassing hebben Ronald en ik een surprise high-tea voor haar geregeld, gezellig met 9 voor haar belangrijke vrouwen in haar leven lekker kletsen, lachen en smullen.






op de dag zelf moet ze natuurlijk een kaarsje uitblazen


Vlak voor Henk zijn 65ste verjaardag ben ik weer thuis.
Bij zijn verjaardag hoort slagroomtaart, dus: HEEL BLUENOSE BAKT!!


Jammer is wel dat op zijn verjaardag de regen met bakken uit de lucht dendert, Jan en Corrie van de Livingstone trotseren de regen. Voordat ze aan boord zijn voor koffie met taart hebben ze in de stromende regen al een LANG ZAL HIJ LEVEN gezongen.
Om half 5 is het eindelijk droog en kunnen we met drank en hapjes naar de lounge en proosten gezellig met een aantal mensen op Henk.
Na de borrel stappen we bij Corrie in de dinghy op weg naar de Livingstone waar Jan een 3-gangen verjaardags-etentje voor Henk en mij heeft klaargemaakt. Jan scoort bij Henk, hoofdgerecht met bloemkool op een heerlijke wijze klaargemaakt. Heerlijk gegeten.

Bluenose gaat na 4 weken op de kant te hebben gestaan weer te water en gaat Henk nog aan de slag om ook de stukken teak op de vloer achter het stuurwiel te vervangen. Hij gaat nu alles zelf doen, dus niet alleen mallen maken, oude teak verwijderen, nieuwe er inleggen en afkitten, maar ook het zagen van het teak neemt hij deze keer voor zijn rekening.
Het eindresultaat is prachtig, we zijn er super super blij mee.

OUD

NIEUW


De laatste week is de herfst hier losgebarsten, koud, regen en af en toe veel wind. Moeten weg hier, op weg naar het zuiden, naar warmer weer.
Uiteindelijk zien we een weergaatje waarbij de wind uit het noorden komt. Afscheid nemen van de mensen van Deltaville Boat Yard en de havenmeesters, dan gaan wij alvast anker op om bij hoogwater de vaargeul te nemen om vervolgens 800 meter verder het anker weer te droppen. Hebben eerder ervaren dat wij bij laagwater soms vast lopen aan de grond in deze vaargeul.
Overigens is het geen pretje om nu te gaan, het is heel koud en er komt heel veel wind aan. De voorspelling komt uit, zijn nog met het anker bezig als er vanuit het niets 25 tot 30 knopen wind op komt zetten. Anker zit meteen als een huis, snel naar binnen, kachel aan en met een boek en warme choco op de bank.

Morgen bij het eerste ochtendgloren gaan we weer anker op voor de 49 mijl naar Norfolk. Bij het naar bed gaan zien we dat de weersverwachting voor morgen nog steeds noorder wind aangeeft, alleen zien we dat de temperatuur verder gezakt is naar een graad of 2!!

Om 05.45 uur gaat de wekker, grrrr zo vroeg en het is nog donker. Pikken nog een kwartiertje maar dan is het echt tijd om te gaan willen we voor donker aankomen in Norfolk.
Lange onderbroek, dikke truien en nog hebben we het koud. Is dit leuk! NEE!!!

Tot later!!

Back in the USA

3 uur na vertrek van Sable Island trekt de mist weg, wat een verademing, maakt het zeilen meteen een stuk leuker.
Het is lekker weer, de wind is wat wispelturig, toch scheren de mijlen onder ons door op weg naar het Cape Cod kanaal.
Henk schrikt zich rot als ik schreeuw: WALVIS, op nog geen 25 meter van de boot kwam deze uit het water, zo gaaf!
Helaas ziet hij alleen nog de rimpelingen waar het gigantische beest weer in het water plofte.
Hebben ook nog een haai bij de boot gehad, geen formaat Jaws, maar toch!
Soms denken we er nog meer te zien, maar dat blijken dan maanvissen te zijn, deze komen net met hun rugvin boven water uit lijkt dan net een haai, alleen bewegen deze vissen trager dan haaien.
Maanvis
Het is 11.00 uur als we bij het Cape Cod Kanaal aankomen, best vroeg. Besluiten om niet te gaan ankeren bij Onset Bay maar meteen door te varen naar New Bedford met de gunstige wind die er staat.
Om 17.30 uur liggen we heerlijk in een box bij Fair Heaven Marina. Inmiddels ook al contact gehad met douane/immigratie, die helaas niemand beschikbaar hebben om nu nog langs te komen, waarvoor ze excuus aanbieden!!
Ze beloven de volgende ochtend voor 10.00 uur iemand langs te sturen om alles af te handelen.
Iets over tienen zitten wij de volgende dag de nodige papieren in te vullen, worden onze paspoorten gestempeld (mogen weer 6 maanden blijven) en hebben we een nieuwe cruising license voor de boot.

Mooi weer en goede wind om na deze formaliteiten meteen te vertrekken, maar eerst even betalen voor afgelopen nacht. Geen idee wat we verschuldigd zijn, over het algemeen zijn de havens hier niet echt goedkoop, afwachten maar!
De havenmeester loopt langs en op onze vraag waar we kunnen betalen antwoord hij: als jullie nu gaan, ga maar.
Wat aardig, zomaar een gratis overnachting.
Gaan een rondje Rhode Island doen, je kunt in 1 dag rond zijn, wij doen het in 2 etappes voordat we bij Newport zijn. Na 25 mijl vanaf New Bedford ankeren we op de Sakonnet River voor het strand, maar echt lekker liggen, nou nee! Hebben veel last van deining, wat maakt dat we de halve nacht wakker liggen.
Via een smal vaarwater, waar links en rechts niet de minste huizen staan, gaan we naar The Hummocks.
De brug waar we onderdoor moeten beneemt ons even de adem, het zou hoog genoeg moeten zijn, maar toch!
Liggen verder prima bij The Hummocks, beschermd tegen deining, gaat lekker slapen worden!! De weersvoorspellingen geven aan dat er in de loop van de middag regen komt, blijven dus lekker aan boord.
Via de marifoon komen waarschuwingen binnen voor kans op onweer. Aan het eind van de middag komt er een zwarte lucht op ons af, zo bizar, het lijkt wel nacht. Duurt nog even voordat het echt bij ons is, maar éénmaal boven ons is er veel regen en een bak onweer, niet normaal. Bliksem flitsen, hevige klappen en blikseminslag vlak bij de boot, dit hebben wij nog nooit meegemaakt zo'n inslag vlakbij.
Hebben inmiddels wel apparatuur los gekoppeld en willen handmarifoon, laptop, telefoons, tablets ed in de oven leggen, alleen een klein probleempje, de oven is nog warm van de pizza die er net uitkomt.
De oven is de zogenoemde kooi van faraday waar apparatuur beschermd is tegen eventuele blikseminslag.
Gelukkig blijft de bui maar 2 uurtjes boven ons hangen en zijn we verder van onheil bespaard gebleven.
De volgende ochtend niet veel wind voor de 13 mijl naar Newport. Gaan niet snel op grootzeil en genua, maar goed we hebben voortgang en genieten van de prachtige omgeving.
Newport gebruiken wij vooral om wat voorraden aan te vullen voor de komende dagen, het is niet de bedoeling om lang te blijven.

Als we éénmaal vertrekken uit Newport is het grauw, koud weer. Wat een tegenstelling tot de warme dagen hiervoor.
Gelukkig klaart het gaande weg wat op, hebben weliswaar nog wat regen maar verder prima dag.
Droppen na 33 mijl ons anker bij Wampassuc Point, bij Stonington Harbour. Aan het eind van de middag komen er meerdere boten ankeren, waarvan er één is die denkt, ach ik drop mijn anker vlak voor de Bluenose, het is natuurlijk een mooie boot, maar toch!
Zijn we er niet blij mee, hun anker ligt op onze ankerketting. De meneer van de boot is niet zo blij als Henk hem verzoekt om een ander plekje te zoeken. Na wat heen en weer 'gepraat' gaat hij toch maar iets verderop liggen, er is ruimte zat om ergens anders te ankeren.
Gaan naar een voor ons bekende plek terug; Old Saybrook in de staat Connecticut, wat betekent 3 dagen gratis liggen en ook de dinghy mag je gratis parkeren als je de wal op gaat.
Er zijn niet zo heel veel vrije mooringen, pikken er één op maar helaas komt de eigenaar niet veel later met zijn boot aanzetten.
Roepen de marina op voor een vrije mooring, waarop de havenmeester in zijn bootje springt en ons voorgaat naar een plek vlak voor het clubgebouw.
Liggen hier vlak voor de kant, kunnen we (ik bedoel Henk) al roeiend afleggen. De havenmeester laat nog even zijn gezicht zien en nodigt ons, namens het bestuur van de zeilvereniging, uit voor een borrel en diner in het clubhuis.
Om 16.00 uur staan wij met een biertje gezellig te kletsen met bestuur en leden, die allemaal onze verhalen en belevenissen willen horen.
Voor het diner eerst nog de prijsuitreiking van de zeilwedstrijd die vandaag gehouden is en dan aanvallen!!
Na heerlijk gegeten te hebben is het tijd om terug aan boord te gaan, maar niet zonder een uitnodiging op zak om morgen weer aan te schuiven.
Wat een ontvangst, wat een gezellige dagen, TOP!




\

Gaan als een speer nadat we de volgende dag vertrokken zijn uit Old Saybrook, weten alleen nog niet waar we gaan ankeren. Er zijn een aantal opties, eerst kijken hoe ver we komen. Onze enige criteria is voor donker aankomen.
Om 19.00 uur pikken we een mooring op bij Fayer Weather Island en daar is meteen de havenmeester. Helaas mogen we hier niet blijven liggen, wellicht komt de eigenaar nog!!
Volgens ons is de eigenaar al weken niet geweest gezien de vieze groene lijnen aan de mooring.
De havenmeester is echter onverbiddelijk, geeft aan een wel een andere vrij te hebben, kosten 55 dollar per nacht!
Denken hem even niet goed verstaan te hebben, ja hoor echt 55 dollar. Henk probeert nog wat te onderhandelen, maar helaas hapt hij niet toe.
Dan maar een ankerplekje zoeken, wat ons niet veel later lukt, dollars uitgespaard.
Er komt de komende dagen veel wind, reden om naar de overkant te varen om te ankeren bij Northport Bay, liggen hier prima beschermd voor alle windhoeken en het is een leuke ankerplek.

Gaan zo langzamerhand naar de tijd dat er orkanen gaan komen, houden dit iedere dag en zelfs meerdere keren per dag in de gaten.
Zien dat Dorian er aankomt als wij inmiddels in Port Washington liggen. Liggen hier samen met de Nederlandse boten Linde (Hans en Carla) en Incentive (Rik en Sanne).
Port Washington is een prima plek om met veel wind te liggen, maar niet veel uitwijk mogelijkheden mocht Dorian hier huis gaan houden.
Besluiten om naar New York te varen, de Hudson op.
Mocht het anders uitpakken met Dorian hebben we daar de mogelijkheid om verder de Hudson op te varen, buiten het windgebied van Dorian.
Wilden zo en zo toch nog naar NY, naar 79th Boat Bassin, want wat is nou een leukere plek om mijn verjaardag te vieren.
Uiteindelijk besluit ook Incentive te vertrekken, Linde is in afwachting van onderdelen, deze volgt wellicht later.
Weer geweldig om op de East River richting Vrijheidsbeeld te varen, blijft een belevenis. Gaan voor 1 nacht ankeren bij Ellis Island, waar wij eerste rang liggen voor de zeilwedstrijd waarvoor om 17.00 uur het startschot klinkt. Heb soms het idee dat we iet wat in de weg liggen, sommige gaan  héél laat overstag zo vlak bij onze boot.




De volgende dag pikken wij bij 79th Boat Bassin een vrije gele mooring op, Incentive gaat alvast verder de Hudson op.
Wij gaan meteen weer New York snuiven, lekker rondwandelen in de stad. Verwachting is nu dat Dorian toch wel iets meer onze kant op, waardoor wij besluiten om toch ook maar verder de Hudson op te gaan, maar niet voordat wij een verjaardagstaart gehaald hebben bij Carlo’s Bakery van Buddy Valastro (bekend van de spectaculaire taarten van Cake Boss op tv).
Hebben een caramel taart gekozen, thuis blijkt de taart 2,7 kilo te wegen, gelukkig weten we het aantal calorieën niet.


Helaas door Dorian geen verjaardag in NY maar bij Verplanck’s Point in de Greens Cove, hebben hier een prachtig ankerplekje waar we ook met meer wind prima liggen.
Verplanck’s Point is overigens wel een belangrijke historische plek waar ook Nederlanders nog een rol gespeeld hebben.
Vanaf hier konden allerlei materialen tijdens de Amerikaanse revolutie met een ferry vervoerd worden naar de overkant van de Hudson, naar Montrose en Stony Point.
George Washington met paard is op deze plek vereeuwigd op het witte doek in 1790.
Liggen hier wel alleen dus moeten helaas de taart met z’n 2-tjes verorberen. Nee, dat doen wij niet in één dag. 

De taart is werkelijk verrukkelijk, eigenlijk zijn we blij dat er verder niemand is om deze dan te moeten delen.
Veel last krijgen wij niet van Dorian, voor ons blijft de wind steken bij 25 knp, ook in Port Washington komt de wind niet boven de 30 knp uit.
Dat is wat anders voor de Livingstone die in Halifax ligt, zij zijn op stel en sprong vertrokken vanuit Newfoundland, daar zou Dorian volgens de voorspellingen recht op af gaan.
Helaas buigt deze dan toch meer naar Nova Scotia af en krijgen zij de orkaan recht over zich heen, 60 tot 70 knopen wind. Ze hebben het heel zwaar aan boord het is absoluut geen pretje, gelukkig blijft de boot goed liggen achter het anker en lopen ze verder geen schade op.
Na Dorian gaan we nog een nachtje terug naar 79th Boat Bassin, daarna door naar Sandy Hook om vervolgens door te gaan naar Chesapeake City in het Delaware kanaal.

Je merkt dat Dorian voorbij is en er nog geen dreiging van een nieuwe orkaan is, er liggen bij meerdere boten bij Sandy Hook, allemaal op weg naar het zuiden.
Bij het eerste ochtendgloren, 06.00 uur, halen wij anker op om de 187 mijl af te leggen naar Chesapeake City. Het is een top oversteek, mooi weer, wind uit goede richting, voldoende wind en bijna volle maan.
Onze maximum snelheid is 8,7 knoop per uur, niet slecht!!
Tot aan het kanaal hebben we alles zeilend afgelegd, echt een fantastische tocht geweest. Bij het kanaal hebben we de stroom helaas nog niet volledig mee. Proberen te zeilen naar onze ankerplek, alleen de wind in het kanaal gaat alle kanten op, laten het grootzeil zakken en leggen de laatste mijlen op de motor af.
Vorig jaar konden we in Chesapeake City amper een ankerplekje vinden, tot onze verbazing liggen er nu maar 2 boten, plek genoeg dus.
Na nog een extra dagje hier doorgebracht te hebben is het tijd om door te gaan. Doel is Annapolis, wat bijna 60 mijl verderop ligt.
Nemen nog een tussenstop bij Still Point, mooie baai. Altijd even zoeken waar we gaan liggen, kijken waar de wind vandaan komt om geen last van deining te hebben. Helaas gaat de wind veel eerder draaien dan de voorspellingen aangaven, liggen dus ’s nachts behoorlijk te deinen.
De weergoden zijn ons nog steeds goed gezind, ook vandaag prima wind om de 34 mijl naar Annapolis af te leggen. Met O-ONO tussen 5 en 7 bft halen we een gemiddelde van ruim 7 knopen per uur.
Na 5 uurtjes zeilen liggen we in de Weems kreek bij Annapolis, ook een plekje waar we eerder geweest zijn.
Zijn de boot een beetje aan opruimen als er een oproep via de marifoon binnenkomt:
Bluenose, Bluenose hier de Nomad. Nomad! Er gaat een lichtje branden, dit is de boot die ons opriep toen wij in dikke mist voeren naar Cape Sable Island (Nova Scotia).
Door de marifoon maken we alvast kennis met elkaar, hij heet Seth. Seth nodigt ons uit voor het eten zaterdagavond bij hen thuis. Ondanks dat we elkaar nog nooit ontmoet hebben, nemen we de uitnodiging aan.
Kunnen ook ons wasgoed meenemen, kan deze mooi draaien tijdens het eten. Lief aanbod, maar de was laten we aan boord.
Met Seth afgesproken dat hij ons om 6 uur komt ophalen daar waar wij de dinghy neerleggen. Spannend om elkaar voor het eerst te zien, maar het klikt meteen, ook later met zijn vrouw Cindy.
Sinds zijn pensioen, 5 jaar geleden, wonen zij in Annapolis, daarvoor hebben ze voor zijn werk als secretaris van een Amerikaanse ambassadeur heel wat van de wereld gezien.
Ook (zeil)vriend Pieter eet mee, die ook het nodige van de wereld heeft gezien als journalist van RTL Duitsland.
Een super gezellige avond en ook heerlijk gesmuld van de gegrilde kip, salade en maïskolven. Veel te snel is het laat, tijd om alvast afscheid te nemen van Cindy en Pieter. Seth brengt ons terug naar de dinghy en nemen ook van hem afscheid. Wellicht gaan we elkaar waar dan ook ter wereld nog een keer tegenkomen.
Op zondag pakken we de bus naar het winkelcentrum, Henk moet nieuwe korte broeken. Nu is Joke, Henk en bus niet altijd een goede combi, we gaan het beleven!
Bus is op tijd, senioren half geld, voor 1 dollar pp zitten we en 15 minuten later staan we in het winkelcentrum. Makkie. Nu kleren scoren en dan de bus terug. Helaas wist de buschauffeuse niet hoe laat de bussen teruggaan. Dus gokken zo rond 15.30 uur bij de halte te gaan staan, dan blijkt er een bus om 16.00 uur te gaan, oké niet slecht gegokt.
Als ‘een’ buschauffeur ons om 17.30 uur nog steeds bij de halte ziet zitten, moet hij lachen maar vindt het ook heel vervelend voor ons.
De bus van 16.00 uur had pauze, vervanger stond met pech onderweg, pas om 18.15 uur is de pauze van bus 1 voorbij en met de nodige excuses van alle kanten zijn wij eindelijk (na bijna 3 uur wachten bij de halte) onderweg terug naar de boot.
Op aanraden van Seth gaan we een kijkje nemen bij de United States Naval Academy (belangrijke basisopleiding van officieren bij de Amerikaanse Marine en Mariniers) hier in Annapolis. Het terrein is 1,37 km2 groot en de locatie heette vroeger Fort Severn en is gelegen aan de Severn rivier. Het instituut is gesticht in 1845 en had bij de opening op 10 oktober van dat jaar 50 leerlingen en 7 docenten.
Elk jaar hebben ze 1100 nieuwe studenten voor de 4-jaar durende opleiding tot officier, waar bij aanname van deze studenten gekeken wordt dat er uit alle 50 staten van Amerika evenveel studenten zijn, deze studenten hebben allemaal een aanbeveling van hun gouverneur op zak.
Laten ons verleiden om een rondleiding met gids te maken over het complex, waar we achteraf helemaal geen spijt van hebben om de verhalen van de gids aan te horen over oa;
4.400 mensen in de eetzaal die binnen 25 minuten hun eten aan tafel uitgeserveerd krijgen;

eerstejaars 1500 meter moeten zwemmen in marinekleding en van een 10 meter plank moeten springen, pas als ze dat gehaald/gedaan hebben slagen ze voor het onderdeel zwemmen;

iedereen aan sport MOET doen, team of individueel;


ze een eigen American Football team hebben die sinds 1893 een geit als mascotte hebben genaamd Bill, inmiddels is het Bill de XXXVI;

Memorial Hall met alle helden uit vroeger tijden en het heden;

Graftombe van John Paul Jones, de eerste Marine Commandant tijdens de Amerikaanse Revolutie;


en nog veel meer mooie en ontroerende verhalen.
Je mag hier ook op eigen houtje rondwandelen, na een paspoortcontrole mag je gaan en staan waar je wilt op het terrein. 

Inmiddels is het weer tijd om verder te trekken, nog 100 mijl te gaan voordat we de boot bij Deltaville uit het water halen om de onderkant van nieuwe anti-fouling te voorzien.
Eerst nog een paar dagen ankeren bij Solomons Island in de Mill kreek. Wind en weer blijven ons meezitten, in 8 uur tijd hebben we de ruim 47 mijl naar deze plek afgelegd.
Het is warm, soms te warm om wat te gaan doen, dwingen ons zelf om toch naar de kant te gaan. Eénmaal daar is het ook weer lekker om even de benen te strekken en een lekker biertje te drinken op de pier.
Met die warmte lekker verkoelend om met de dinghy rond te varen, alle hoeken en gaten van de kreek verkennen.
Wil eigenlijk ook wel even zwemmen, alhoewel het water er niet al te helder uitziet, maar na het zien van een slang tijdens dit tochtje zet ik het maar uit mijn hoofd.




Waar de wind het ons de laatste dagen meezat, zo nu zit het tegen. Komende dagen alleen maar Zuid (en heel weinig), we hebben echter Noorder wind nodig, liggen hier dus nog een paar dagen. Ach er zijn vervelender plekken te vertoeven.

Tot later!


maandag 23 september 2019

Terug op Nova Scotia

Weer terug in Nova Scotia – Cape Breton, varen om 07.30 uur het Bras d’Or Lake op. Was nog een beetje spannend of we het zouden redden om binnen te lopen met de stroom mee, het is ons gelukt.
Gistermorgen om 09.00 uur vertrokken vanuit Port aux Basque, dan is het altijd afwachten of er genoeg wind blijft om de 5 mijl per uur te halen die wij uitgerekend hadden om op tijd aan te komen.

De oversteek was verder prima, alleen regen tijdens Henk zijn wacht. Wij vinden het altijd lastig om bij één nacht doorvaren in slaap te komen. Meestal is het voor ons beide alleen een beetje rusten, maar nu tijdens mijn eerste slaap heb ik echt geslapen. Ben dan ook wel een beetje kribbig nadat Henk mij wakker heeft gemaakt, kribbig of niet, warme kleren aan en wacht overnemen.
Henk slaapt nog als ik via de vaargeul het Bras d’or Lake opvaar. Wow wat is het hier prachtig, zoveel groen, zoveel mooie ankerplekjes. Inmiddels is het 13.00 uur als wij aankomen bij Baddeck en 115 mijl achter de rug hebben.
Zoveel boten hebben we lang niet gezien om ons heen, lekker druk maar plek genoeg.





Gauw bootje te water laten, motortje erop en dan naar de kant om te kijken of we nog een auto kunnen huren voor een paar dagen om de Cabot Trail te gaan doen. De overnachtingen zijn geen probleem, op diverse campings zijn nog hutjes of tenten (tipi’s) te huur.

De Cabot Trail is 300 kilometer lang, brengt je langs mooie kusten maar laat je ook proeven van de Cape Breton Highlands.
De dame van autoverhuur slaakt een diepe zucht op ons verzoek voor een auto over 2 of 3 dagen.
Je kunt op de wachtlijst waar je nog 10 wachtende voor je hebt, gaat het dus jammer genoeg niet worden. Over 14 dagen is het geen probleem, helaas gaat dat echt te laat worden.
Even komt de gedachte op om dan maar een één daagse excursie te doen, dat was ook maar even. Veel te duur en de hele dag zitten in de bus en er alleen uit mogen voor een foto. Nee, dat gaat het niet worden.
Baddeck is een toeristisch plaatsje waar je doorheen komt als je de Cabot Trail gaat doen. Veel dagjesmensen en/of toeristen die hier rondwandelen kun je wat verdienen! Dat denkt ook de doedelzakspeler die de hele dag al spelend op zijn doedelzak op en neer langs de waterkant loopt. Zijn repertoire is jammer genoeg niet zo groot, de hele dag speelt hij nagenoeg hetzelfde deuntje.




De Canadese boot Sage van Toni en Conny ligt hier ook, hen hebben wij eerder ontmoet in Province Town en Lunenburg. Zij nodigen ons uit voor het eten vanavond, gezellig. Hebben al eerder bij elkaar gegeten en de toen door hen gemaakte macaroni met kaas ligt ons nog vers in het geheugen.
Vanavond kip met rijst en boontjes, daar kan niets mis mee zijn, alleen heeft hij niet een paar peperkorrels gebruikt maar het hele zakje erin gekieperd, dat deed aan de gezelligheid niets af.
Toni en Conny zijn met de Sage de hele wereld over gezeild, zijn er nu nu klaar mee, boot staat te koop en is er een huurhuis gevonden in Victoria (Vancouver). Ze zullen blijven reizen alleen nu per auto, trein of wat dan ook, maar niet meer met een boot.

Tijdens onze wandeling door Baddeck stuiten we op het Alexander Graham Bell museum. Graham Bell, geboren in Schotland, emigreerde naar Canada en later naar Amerika, is uitvinder en oprichter van telefoonmaatschappij Bell.
Na lang onderzoek gedaan te hebben op het hoorbaar maken van spraak diende hij op 14 februari 1876 zijn octrooiaanvraag van de telefoon in. Hoewel uit het apparaat van Bell nauwelijks een gesproken woord kwam, werd het octrooi op 7 maart 1876 toegekend en drie dagen later sprak Bell tegen zijn assistent te historische woorden door de telefoon: Mr. Watson, come here. I want to see you.
Watson, die in een andere kamer verbleef, kwam direct.
Alexander Graham Bell met zijn vrouw Mabel


lekkere douche




We gaan een keer niet zo vroeg vertrekken, pas om 11.00 uur trekken we het anker omhoog en gaan onderweg een ankerplekje zoeken. Uiteindelijk vinden we dat tussen Big en Little Harbour. Inmiddels is het flink gaan regenen, staat er behoorlijke wind (6 tot 7 bft.) en hebben we hevige onweer met onwijs harde klappen, die gelukkig niet zo heel dichtbij zijn. 

Niet dat we heel veel haast hebben maar toch willen we wel een beetje opschieten om in Halifax te komen.
Daar ligt inmiddels de Bojangles maar ook de Livingstone is daarnaar toe onderweg, straks weer even gezellig bij kletsen met z’n 6-en.
Bojangles gaat net als wij zuidwaarts, Livingstone gaat nog naar het noorden. Of ze ook naar Newfoundland gaan!

Denken zo’n 4 uurtjes nodig te hebben om bij het plaatsje St. Peters te komen in de Strachans Cove. Bij St. Peters moet je een smal kanaal en een sluis door om verder zuidwaarts te kunnen gaan.
Komen vroeg aan in St. Peters en besluiten meteen maar naar de kant te gaan om wat van het dorp te bekijken. Het is een leuk plaatsje met leuke winkeltjes, maar ook een plek waar je prachtige wandelingen kunt maken, zo kun je langs het St. Peters kanaal of een rondje baai lopen.

mooi ankerplekje bij St. Peter

wat bijverdienen!!

kom je in het hele dorp tegen


















De volgende dag gaan we verder, de sluis gaat pas om 08.00 uur draaien. Op tijd liggen we klaar als de brug opengaat en wij door kunnen richting sluis.
Met nog 5 andere boten varen we een stuk het kanaal op, de sluiswachter weet niet wat haar overkomt, zoveel boten in één keer!






De sluis is inmiddels 150 jaar oud en dat vieren ze. Wij krijgen een certificaat, waaruit blijkt dat wij boot nummer 506 zijn die de eerste keer gebruik maakt van de sluis.

Eénmaal de sluis door; mist, dichte mist!! Gedver, gelukkig zien we op de plotter waar we varen, zelf zien we de boeien waar we tussendoor varen niet.
De mist houden we, ook als we al scharrelend tussen verschillende eilandjes doorvaren. We hadden ook buitenom kunnen gaan, maar dit scharrelen scheelt ons zeker 10 mijl, mist is overal dus dat maakt niet uit.
Ons eerste ankerplekje bij Yankee Cove moet volgens de boeken een mooi plekje zijn, maar helaas is de mist er nog steeds en zien we er weinig van, het enige wat we zien zijn de vele zeehondjes vlakbij de boot. Verder een rustig plekje, hebben heerlijk geslapen.
Helaas worden we wakker in een, nog steeds, mistige wereld en de wind is weg. Hebben 60 mijl voor de boeg, waarvan we er veel op de motor afleggen naar Beaver Harbour.
Bij het binnenvaren naar ons ankerplek bij Beaver Harbour trekt de mist op en zien we wat van de omgeving, altijd leuk!
Dit is ook maar een plekje voor 1 nacht, morgen naar Halifax.
We hebben om precies te zijn 62,7 mijl afgelegd als ons anker in de North West Arm bij Halifax ligt.
Een geweldige zeildag achter de rug zonder mist en de wind uit de goede hoek, hebben een gemiddelde van ruim 5 mijl per uur gehaald, niet slecht!
Gauw even douchen, dan borrelen bij de Bojangles, bijkletsen en we kunnen mee-eten. Jan en Corrie van de Livingstone zijn de stad in, het is feestweek, die zien we morgen wel.
De volgende ochtend staat de koffie met cake klaar bij de Livingstone aan boord, gezellig weerzien.
Zij willen alles weten over Cape Breton en Newfoundland, zijn er nog niet uit wat ze gaan doen.
Na de koffie voor ons ook tijd om ons te mengen in het feestgedruis in de stad, alleen is het zo warm dat we al gauw verkoeling zoeken. Feest of geen feest, wij hebben er gauw genoeg van met deze warmte, terug naar de boot.
Terug aan boord snel toetje maken en naar de Livingstone om met z’n zessen alle verhalen en belevenissen van elkaar aan te horen onder het genot van een drankje en allerlei lekkere salades en ons toetje.

De volgende dag blijken Jan en Corrie het besluit genomen te hebben om toch naar Newfoundland te gaan, wij waren zo enthousiast, ze gaan gewoon.
Lang blijven we niet in Halifax, we moeten naar Riverport naar de Schoonerdagen 2019. Via Rob en Baudine zijn we uitgenodigd om 2 dagen mee te doen met dit evenement waar zo’n 25 schepen aan meedoen en een week lang duurt.

Een Schooner is een zeilboot met 2 masten waarvan de voorste mast lager is dan de achterste, in tegenstelling tot de Klipper waar de achterste mast lager is dan de voorste.
Maken nog even een stop in Lunenburg voor wat boodschappen en dan snel door naar Riverport. De eerste avond begint met een gezellige bijeenkomst in het dorpshuis met muziek. In het dorpshuis is de verkoop van alcohol maar ook het nuttigen daarvan in dit gebouw verboden. Wat zou er toch in al die zelf meegebrachte flessen zitten die verpakt zijn in papier of aluminium folie!! Aan het einde van de avond kunnen wij niet anders concluderen dat er alcohol ingezeten moet hebben, menigeen is behoorlijk aangeschoten.

Ik bedank voor deelname aan de zeilwedstrijd, Baudine, Rob en Henk stappen op bij Russ en Heidi eigenaren van Schooner Tillicum.
Ze hebben een fantastische dag, helaas zijn ze niet in de prijzen gevallen. Rob en Henk besluiten het morgen anders aan te pakken, ze gaan de te varen tactiek overnemen van Russ.
Dit werpt de volgende dag zijn vruchten af als bij de prijsuitreiking blijkt dat ze eerste zijn geworden, goed gedaan Baudine en mannen.
Schooner Tillicum

Tillicum onder zeil


Op de finishlijn verslagen:



Hebben een paar gezellige dagen gehad in Riverport en La Have (waar de tweede dag de wedstrijd plaatsvond).
Nog twee stops te gaan voordat we weer teruggaan naar Amerika. De eerste stop is Liverpool, waar we twee dagen blijven en dan een lange dag om bij Cape Sable Island te komen.
In Liverpool nemen Henk en ik de toeristische wandeling naar Fort Point Lighthouse, een wandeling die ons langs allerlei historische panden loodst en uiteindelijk bij de vuurtoren uitkomt.
Daarna gauw nog een paar boodschappen en zijn net op tijd aan boord als de voorspelde bui losbarst.
Het was een lange lange tocht naar Cape Sable Island en alleen maar mist, dichte mist en dat ruim 68,5 mijl. Hebben onderweg nog even marifoon contact met zeilboot Nomad (nooit eerder ontmoet), deze wil graag weten waar wij naar toe gaan.
Ons ankerplekje vinden we bij de visserijhaven, dit blijkt een goede keus, heerlijk rustig gelegen.

De volgende ochtend nog steeds dichte mist, wel of niet vertrekken?
Besluiten te gaan, hopen dat het straks gaat opklaren. Bij de Bojangles is alles nog in diepe rust, zij hebben niet zo’n lange tocht voor de boeg naar Maine, wij echter 270 mijl naar New Bedford.
Varen toch maar even langs en na wat roepen komt Baudine naar buiten en zwaait ons uit.
Hiermee eindigen onze verhalen over New Foundland, Cape Breton, Nova Scotia, nu op naar Amerika, op naar New Bedford om in te klaren.

Tot later!